Ga naar de inhoud

Facelift voor de zwingelput - Stichting Heemkunde Bemelen

Menu overslaan

Facelift voor de zwingelput

Het verhaal van Bemelen
FACELIFT VOOR DE ZWINGELPUT
 
Het zal de oplettende wandelaar niet ontgaan zijn: er wordt druk gewerkt aan de waterputten in Bemelen. De put aan het begin van de Putsteeg in Sint-Antoniusbank is inmiddels flink onder handen genomen en wacht enkel op het afwerken van de laatste details. De put bij de kerk in het dorpscentrum staat sinds een paar weken in de steigers; daar zit het werk nog in de beginfase. Wat is er aan de hand?
“Wat je vaak ziet bij kleine monumentjes zoals putten, kapellen en wegkruisen is dat – als überhaupt al duidelijk is wie de eigenaar is – het onderhoud vaak afhankelijk is van de goede wil van omwonenden”, zegt Wim Knarren, directeur van Monumentenwerk Limburg, het bedrijf dat zich met het werk aan de waterputten bezighoudt. “Maar deze putten zijn dermate opvallende en herkenbare elementen in de diverse dorpen dat de gemeente Eijsden-Margraten vindt dat ze de verantwoordelijkheid voor het behoud ervan mede moet dragen. Vandaar dat er een project is ontwikkeld om ze, waar nodig, te restaureren.”
 
De gemeente Eijsden-Margraten telt volgens Knarren een stuk of negen ‘zwingelputten’. Dat zijn putten met een opbouw – het puthuisje – waarin een mechanisme is aangebracht – een houten rol – waaromheen een touw gedraaid kan worden. Met een grote zwengel of zwingel wordt die rol rondgedraaid om het touw, met daaraan de putemmer, naar beneden te laten en weer op te galen.

Zwingelputten komen vooral in Zuid-Limburg veel voor. Bemelen telt er drie. De put bij de Putsteeg – het putgat is met een betonplaat afgedekt – is de jongste, in opdracht van de gemeente Cadier en Keer ‘geslagen’ in 1905. De put bij de kerk is ouder – er bestaat een concept van een reglement voor het gebruik van de put uit 1878 – maar onduidelijk is hoevéél ouder. De alleroudste is de put op het Gasthuis, die al in stukken uit 1350 vernoemd werd.

Voor het werk in Bemelen van start ging, had Monumentenwerk Limburg al drie putten onder handen genomen: twee in de kern Margraten (bij de kerk en aan de Rijksweg), en een in Klein Welsden. De putten in Sint-Antoniusbank en bij de kerk zijn de nummers vier en vijf op het lijstje.

Wat houdt zo’n restauratie eigenlijk in? Wim Knarren: “Dat wat goed is, behouden. En wat niet meer goed is, vervangen, in de stijl en met de materialen van vroeger.” Bij de put aan de Putsteeg zijn versleten balken vervangen, alle houtwerk is blank geschuurd en opnieuw geschilderd – “Er zat synthetische verf op, die het hout potdicht afdekte. Wij hebben nu lijnolieverf gebruikt, zoals dat vroeger gebeurde, zodat het hout blijft ademen.” – en het dak is verstevigd. Dat gebeurde allemaal met originele technieken, zoals pen-gat verbindingen.
Knarren wijst op een paar inkepingen in een van de staande balken van de put. “Daar heeft dus duidelijk ooit iets gezeten, waarschijnlijk een dwarsbalk. Maar hoe en wat? Weg is weg, daar gaan we niets voor verzinnen.  Maar alle sporen van de oorspronkelijke constructie worden gehandhaafd, ook die van inmiddels verdwenen elementen, zodat onderzoekers in de toekomst kunnen zien dat er daar iets geweest is.”

Waarom heeft de gemeente het restauratiewerk gegund aan Monumentenwerk  Limburg? Knarren: “Omdat wij heel veel ervaring hebben met dit soort kleinere projecten. En wij werken efficiënt. Als je ziet wat er bij zo’n restauratie allemaal komt kijken… Metselwerk, houtconstructies, dakdekkerswerk, schilderwerk, noem maar op. Grote bedrijven moeten dan al gauw vier, vijf verschillende vakmensen inzetten die ieder een onderdeeltje voor hun rekening nemen. Dat loont vaak niet. Wij werken met mensen die van alle markten thuis zijn, die meestal in staat zijn zo’n karwei als een waterput van A tot Z in hun eentje af te werken.”

Bij de put aan de Putsteeg is Ruud op den Camp het ‘manusje-van-alles’ van dienst. Op de dag van dit gesprek is hij bezig het draaiwiel van de put strak in de zwarte verf te zetten. Een van de laatste klussen van deze restauratie. Alleen moet nog wat houten latwerk vervangen worden. “Maar we moeten nog even wachten op het goede hout.”

Hij doet het werk graag, zegt hij. Al is het natuurlijk wel de bedoeling dat het allemaal niet voor niets is. “Voor we hier begonnen, heb ik een laag van dertig, veertig centimeter rotzooi uit de put moeten verwijderen. Er staat hier een mooi zitbankje naast de put, een mooi plekje om even te gaan zitten. Maar er is geen vuilnisbak. Nou, sommige mensen gebruiken zo’n put dan blijkbaar als een grote afvalbak.” Zijn dringende verzoek: niet meer doen. Houd mooi wat mooi is.

Fotobijschriften:
1. Ruud op den Camp namens Monumentenwerk Limburg aan de slag bij de restauratie van de waterput aan de Putsteeg.
2. De zwingelput bij de kerk in het dorpscentrum ging vorige maand in de steigers voor een grondige restauratie.

Heemkunderubriek D'r Tump oktober 2025
Stichting Heemkunde Bemelen
Terug naar de inhoud
App-pictogram
Stichting Heemkunde Bemelen Installeer deze applicatie op uw startscherm voor een betere ervaring
Tik op Installatieknop op iOS en vervolgens "Toevoegen aan uw scherm"